De drieënveertigjarige Robin Cuvelier uit Lint bij Duffel koos niet meteen bewust voor het werken met bomen. Door de job van zijn vader en de passie voor bomen van zijn broer rolde hij er stap voor stap in … en bleef hangen. Ondertussen is hij al veertien jaar voltijds boomverzorger, met een even grote passie voor Timbersports en een engagement als vrijwillige brandweerman. Weinigen belichamen die drang naar avontuur zo spontaan als hij. De rode draad doorheen al deze passies is zijn liefde voor het coachen van mensen. We spraken met de ervaren boomverzorger over zijn pad, zijn machinepark en zijn tiental deelnames met het Belgische team op het WK.
Ingerold via vader en broer
Robin Cuvelier: ‘Ik ben er een beetje ingerold door mijn vader, die al een natuurreservaat beheerde waar elk jaar de wilgen geknot moesten worden. Klimmen heb ik als kind altijd graag gedaan en als je dit dan nog eens functioneel kunt inzetten, dan ben je verkocht.’ Wie Robin als kind kende, is niet verrast: hij omschrijft zichzelf als een avontuurlijk en sportief type dat de grenzen weleens opzocht, om er dan overheen te gaan.
‘Ik rolde erin, maar ergens deed ik het ook wel graag, want anders hou je dat niet vol. Het liefst van al doe ik korte projecten, want dan kom je overal wel eens wat tegen. Ik ben avontuurlijk én dol op veranderingen. Dat avontuurlijke komt op veel vlakken terug.’
Van sportleerkracht tot voltijds boomverzorger
Een studie in de richting van bomen volgde Robin niet. Hij behaalde een bachelor Lichamelijke Opvoeding met de ambitie om sportleerkracht te worden. Robin: ‘Mijn broer deed het snoeiwerk al snel in hoofdberoep en ik liep meer en meer met hem mee om te helpen. Eerst als opruimmannetje, later kwam dan het klimwerk.’ Na zijn studies bleef Robin nog vier jaar hangen in zijn vroegere vakantiejob aan de haven van Antwerpen, waarna hij vier jaar lesgaf in een middelbare school in Duffel. In diezelfde periode
was hij via zijn broer ook al actief in bijberoep als boomverzorger. Toen hij stopte met lesgeven, maakte hij de volledige overstap naar boomverzorger in hoofdberoep, een keuze waar hij ondertussen alweer veertien jaar achter staat.
Robin: ‘Ik ben vier jaar leerkracht geweest, maar ik merkte dat ik het avontuurlijke miste. Een directe link met mijn studies is er nauwelijks, behalve dat beide wat behendigheid en fitheid vergen. Een formele opleiding tot boomverzorger heb ik ook niet gevolgd. Ik heb alles van mijn broer en collega’s geleerd, die wel een ETW-opleiding volgden. Voor het demonteren van bomen met een telekraan of autolaadkraan heb ik wel een aparte opleiding gevolgd. Mijn rijbewijs C behaalde ik kort na mijn rijbewijs B. Mijn ouders vonden dat altijd belangrijk en daar ben ik nu nog altijd dankbaar voor. Dat wil ik aan mijn zonen ook meegeven.’
Bijleren blijft hij doen, al gebeurt dat vandaag vooral op de werf.
Robin: ‘Ik werk heel veel samen met toffe en ervaren collega-boomverzorgers en je leert dagelijks van elkaar. Verder volg ik wat fora op internet om dingen op te steken van ervaringen en technieken die anderen delen. Die informele manier van bijleren is typisch voor onze sector: veel kennis wordt niet in een klaslokaal doorgegeven, maar op de werf zelf. De ervaren rot deelt graag zijn kennis met de gemotiveerde nieuwkomer. Die traditie zet ik vandaag zelf verder, als een van de vele boomverzorgers die hun vak grotendeels via mentorschap hebben opgebouwd. Het verklaart meteen waarom ik zoveel belang hecht aan een hechte, collegiale club, zowel bij het boomverzorgen als bij timbersports.
Puzzelen als vakmanschap
Wat hem na al die jaren nog altijd het meest aantrekt in het vak? Robin somt op: ‘Het klimwerk, het samenwerken met collega’s, het werken met allerhande groot materieel en de uitdaging om de puzzel zo goed mogelijk op te lossen. Werk vlot en efficiënt, niet snel of overhaast. En: veiligheid voor alles.’
Wat hem onderscheidt van collega’s, zoekt hij niet in zijn snoeitechniek.
Robin: ‘Qua snoeien zou ik mezelf eerder middenmoot noemen, maar bij het bomen demonteren op lastige plaatsen durf ik me wel bij de top rekenen. Zeker als er dan nog een kraan bij komt kijken en alle facetten samenkomen.
Dan heb ik het gevoel dat ik al mijn skills vloeiend kan inzetten: net dat samenspel van klimtechniek, materiaalkennis en teamwork maakt complexe demontages tot het meest uitdagende onderdeel van mijn job.’
Personeel aanwerven ziet Robin voorlopig niet zitten. ‘Ik werk liever in onderaanneming en met andere onderaannemers: leuke wisselwerkingen en nauwelijks administratief gedoe.’
Die combinatie van vakmanschap en zelfstandigheid typeert veel boomverzorgers in de sector: het is een beroep waarin je dagelijks moet kunnen vertrouwen op je eigen inschatting, je materieel en je collega’s, vaak hoog boven de grond.
Gericht kiezen voor compact en degelijk materieel
Robins dagelijkse gereedschap bestaat uit een brede waaier aan materieel: ‘Motorzagen uiteraard. Daarnaast autolaadkranen, graafmachines met sorteergrijper of knipper, hakselaar, hoogtewerker …’
Voor zijn kettingzagen kiest hij vooral voor Stihl, zijn hakselaar is een Först, en als graafmachine koos hij voor Wacker Neuson. Zijn vrachtwagen is een
Scania met Hiab-autolaadkraan. Zijn broer werkt met een Steyr-tractor met containersysteem en een Avant.
Robin: ‘Daar komen dan nog eens de machines bij van de onderaannemer die ik meevraag voor de job, zoals een platformhoogtewerker, een Hoeflon-spinhoogtewerker, een autolaadkraan van Effer, Palfinger, Hiab enzovoort.’
Efficiëntie primeert bij Robin boven een volledig eigen machinepark: ‘Als boomverzorger heb je ook niet de hele vloot aan grote of kleine machines nodig. Mijn broer en ik werken 80% van de tijd samen en we doen afwisselend een investering in een machine. Zo verhuren we de machines ook aan elkaar.’
Zijn favoriet is snel gevonden. Robin: ‘Mijn Först TR6-rupshakselaar is op mijn werk afgestemd: super compact voor toch degelijke prestaties qua hakselcapaciteit en zuinig in verbruik. Voor het uitrijden ben ik echt fan van Avant, wegens de extreme stabiliteit. Bij de aankoop van nieuw materieel weegt de prijs voor mij minder zwaar door als het product mij weet te overtuigen. Ik ga voor compact, maar toch degelijk. Onderhoud doe ik deels zelf, de grotere beurten laat ik over aan de dealer, zodat mijn machines steeds inzetbaar blijven wanneer een klus dat vraagt. Mijn Först-hakselaar heb ik trouwens al meerdere keren vernieuwd, en telkens weer aangekocht via Devako. Daar zit een toptechnieker, Elias, die wonderen doet en de machine perfect kent.’
Voor een boomverzorger die dagelijks op verplaatsing werkt, weegt de betrouwbaarheid van zijn materieel minstens even zwaar door als de aanschafprijs: een machine die uitvalt op een moeilijke werf kost al snel meer dan het prijsverschil met een duurder toestel.
Over elektrisch materiaal is Robin duidelijk, al leeft de vraag bij klanten nog niet: ‘Ik heb één Stihl-accuzaag, en die is handig als je een beetje dood hout uit een boom moet halen. Maar voor het demonteren van bomen moeten de elektrische machines het qua efficiëntie nog steeds afleggen tegenover benzinezagen.’
Naar zijn timbersportsmateriaal vraagt bijna niemand.
Robin: ‘Timbersports is een heel ander verhaal, met echt specifiek materiaal. Je moet het vergelijken met autorijden: je werkauto zet je ook niet in op het F1-circuit, en omgekeerd. Twee aparte werelden, ondanks de overeenkomsten.’
Timbersports: de vonk sloeg over in Lier
Timbersports is een wedstrijddiscipline waarbij atleten met bijl en zaag tegen de klok houtblokken doorhakken of doorzagen, in een tempo en met een precisie die je op een gewone werf niet snel zult zien. Het is een nichesport, maar wel eentje die de laatste jaren aan populariteit wint, ook in België.
GreenTechPower: ‘Hoe ben je in aanraking gekomen met Timbersports?’
Robin: ‘Ik ben ooit naar het Benelux-kampioenschap gaan kijken in Lier, en daar sloeg de vonk meteen over. We waren daar met een aantal collega’s gaan kijken. Wat begon als een dagje kijken, groeide al snel uit tot een ambitie. Weet je, ik had na mijn gestopte judocarrière meteen zoiets van: ja, ik wil ook ooit op dat Benelux-kampioenschap staan! Nooit gedacht dat een tiental deelnames in het Belgische team op het WK zou volgen …’
‘Ik ben ooit naar het Benelux-kampioenschap gaan kijken in Lier, en daar sloeg de vonk meteen over.”
Klaarstomen van de volgende generatie
GreenTechPower: ‘Wat heb je de afgelopen jaren geleerd, en hoe kijk je naar de toekomst?’
Robin: ‘We worden ouder. Dat zet mij aan om meer energie te steken in de volgende generatie, om die nog beter voor te bereiden en te maken dan we ooit zelf waren. Dit begint zelfs aardig te lukken en dat groeiproces speelt zich ook af binnen mijn eigen club. We zijn ooit gestart met vier man. Intussen zijn we uitgegroeid tot een club van 25 mensen, die afwisselend met elkaar gaan trainen. Een hechte bende. Ik ben binnen de Belgische club ook het aanspreekpunt.’
Vandaag coacht Robin vooral zijn jonge teamgenoten binnen het Belgische timbersportsteam. Coachen is iets wat hij trouwens ook doet als vrijwillige brandweerman.
Robin: ‘Bij de vrijwillige brandweer geef ik les. Het administratieve, de papierwinkel en dergelijke, dat is niet mijn ding. Ik denk en voel dat coaching écht iets voor mij is. Ik haal er heel veel voldoening uit. Of het nu op de werf is, bij de vrijwillige brandweer, of op de wedstrijdvloer: het coachen en inspireren van anderen is de rode draad doorheen alles wat ik doe.’
GreenTechPower: ‘Hoe kan je anderen inspireren?’
Robin: ‘Je passie voor je ding uitstralen. Onze bekende namen Kamiel en Flor Van Raemdonck, bijvoorbeeld, zijn ooit komen kijken toen Kamiel amper vijf jaar was. Ze hebben sindsdien meegetraind. Inspirerender kan het toch niet? Dichter bij huis groeit de volgende generatie alvast mee. Mijn twee zonen van veertien en zestien zijn heel geïnteresseerd en studeren mechanica. Een mooie combi want daar zal op termijn veel vraag naar komen. Voor een vader is het fijn dat kinderen appreciëren en oppikken wat je doet en dat ze het gewoon graag doen. Beiden zijn trouwens oprecht geïnteresseerd in timbersports en houthakwedstrijden.’
Van de wilgen in het natuurreservaat van zijn vader tot het WK timbersports en van de werf tot de brandweerkazerne, bij Robin komt alles neer op hetzelfde verhaal: avontuur zoeken, er iets van maken, en het vervolgens doorgeven aan wie na hem komt.
Wie de prestaties van het Belgische timberteam wil volgen, vindt hen terug via www.facebook.com/TimberteamBelgium en www.timberteambelgium.be