U voert grondwerken uit, en bij het verlaten van het perceel grond laat u een spoor van modder achter op de rijbaan. Alles gaat heel snel want vooraleer u de mogelijkheid krijgt om de weg proper te maken, doet er zich een ongeval voor. Bent u nu aansprakelijk voor dit ongeval?
Oude en vernieuwde wetsregels ter zake
Om een antwoord te kunnen geven op deze vraag moeten we eerst opmerken dat de regels inzake het ‘buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht’ sinds 1 januari 2025 werden veranderd door de wet van 7 februari 2024. Artikel 44 van deze wet bepaalt dat de nieuwe bepalingen van deze wet van toepassing zijn op feiten die tot aansprakelijkheid kunnen leiden en die zich hebben voorgedaan na de inwerkingtreding van deze wet. Deze bepalingen zijn echter niet van toepassing op de toekomstige gevolgen van feiten die zich hebben voorgedaan vóór de inwerkingtreding van deze wet. Er zal dus moeten worden nagegaan wanneer het schadegeval zich heeft voorgedaan om te zien welke regels er effectief van toepassing zullen zijn.
De nieuwe wetgeving stelt nu dat de bewaarder van een zaak foutloos aansprakelijk is voor de schade veroorzaakt door een gebrek van die zaak.
Bovendien is volgens de nieuwe regel een zaak ‘gebrekkig’ wanneer zij door een van haar kenmerken niet de veiligheid biedt die men gerechtigd is te verwachten in de gegeven omstandigheden. Dit houdt in dat er voortaan gekeken moet worden naar de wettelijke veiligheidsverwachtingen: de zaak is dus gebrekkig zodra zij niet meer de veiligheid biedt die men ervan kan verwachten! Bijvoorbeeld indien er op een rijbaan een voorwerp ligt, zoals mest of modder. Onder de oude wetgeving was dit anders en werd er gekeken of de zaak een ‘abnormaal kenmerk’ vertoonde waardoor er schade aan iemand werd berokkend. Had de zaak een dergelijk abnormaal kenmerk, dan werd ze als ‘gebrekkig’ aangezien.
Opdat de nieuwe regels van toepassing kunnen zijn, is het noodzakelijk dat er tussen het gebrek van de zaak en de schade die erdoor ontstaat een ‘oorzakelijk verband’ is. Dit betekent dat zonder het gebrek aan de zaak (de aanwezige modder) de schade zich niet zou hebben voorgedaan.
Een praktijkvoorbeeld dat zich onder de oude regels afspeelde
Aannemer Mark verlaat het veld, rijdt de weg op, maar laat over een lengte van ongeveer honderd meter een spoor van modder achter. Op deze plaats doet zich een ongeval voor waarbij Geert frontaal in aanrijding komt met de tractor en oplegger van Mark. Geert meent nu dat zowel aannemer Mark als landbouwer Peter (de opdrachtgever van de werken) aansprakelijk zijn voor het ongeval.
De eerste rechter verdeelt hier de aansprakelijkheid: de helft van de aansprakelijkheid legt hij bij het slachtoffer zelf wegens onaangepast rijgedrag en de andere helft wordt ‘in solidum’ bij Peter en Mark gelegd. Dit betekent dat de schadelijder de betaling van de gehele schadevergoeding kan bekomen bij elke schadeverwekker. De rechter oordeelde dat zowel aannemer Mark als landbouwer Peter een fout hadden gemaakt die in oorzakelijk verband stond met het ongeval. Zo beslist hij:
Beslissing in beroep
Aannemer Mark gaat niet akkoord met deze uitspraak: hij vindt dat alleen landbouwer Peter aansprakelijk is wegens het niet goed opkuisen van de rijweg. Hij baseert zich hier op een ‘feitelijk gebruik’ (een gewoonte) dat bestaat waarbij het steeds de landbouwer is die instaat voor het reinigen van de weg. Het bleek echter dat landbouwer Peter onmiddellijk de rijbaan reinigde nadat aannemer Mark het veld had verlaten. Er was dus volgens de rechter een stilzwijgende overeenkomst tussen Peter en Mark betreffende het reinigen van de weg.
Maar de rechter meende dat dit nog niet betekent dat er een vrijwaring bestond ten opzichte van aannemer Mark voor het geval er zich schade zou voordoen wegens het slecht opkuisen van de rijbaan. Conclusie in hoger beroep :
Opmerking!
In de toekomst zal er dus eerst gekeken moeten worden wanneer de feiten zich hebben afgespeeld om te zien of de oude regels nog van toepassing kunnen zijn. We zullen nu afwachten hoe dergelijke schadegevallen onder de nieuwe regels zullen worden beoordeeld door de rechtbanken.